Reliëfplaat uit het Koninkrijk Benin
Herkomstonderzoek blog #5
In deze serie blogs presenteert het Consortium Koloniale Collecties een historisch object of collectie uit een voormalige koloniale context of situatie, dat momenteel (of tot voor kort) wordt bewaard in een museum in Nederland en waarnaar herkomstonderzoek is gedaan. In elke blog wordt uitgelegd welke stappen het betreffende museum of de betreffende herkomstonderzoeker heeft gezet om het onderzoek uit te voeren. Welke verhalen gaan schuil achter het object en wat kunnen ze ons vertellen over het koloniale verleden van Nederland?
Deze keer in de spotlight: een reliëfplaat uit het Koninkrijk Benin in Nigeria
De Benin Bronzen en het restitutiedebat
In deze blog zoomen we in op één enkel voorwerp: een gegoten bronzen plaquette met een reliëfafbeelding van een moddervis. Dit object maakt deel uit van de grote en versnipperde collectie koninklijke artefacten uit het Koninkrijk Benin (tegenwoordig gelegen in de staat Edo in Nigeria) die aan het einde van de negentiende eeuw zijn geroofd. Deze historische voorwerpen – gezamenlijk bekend als de Benin Bronzen – zijn een uitdrukking van de cultuur, geschiedenis en kunst van Benin. Ze zijn gemaakt door gespecialiseerde gilden die werkten voor het koninklijk hof van de Oba (koning) in Benin City, gelegen in het hedendaagse Nigeria. De Benin Bronzen omvatten bijvoorbeeld rijk versierde gegoten plaquettes, hoofden van voorouders, dier- en mensfiguren en persoonlijke ornamenten. Ze werden vanaf ten minste de zestiende eeuw vervaardigd en oorspronkelijk gebruikt als koninklijke kunstwerken om historische gebeurtenissen uit te beelden, voor verering en voor ritueel gebruik. Deze voorwerpen werden in 1897 door Britse troepen uit het Koninkrijk Benin geroofd en na deze gewelddadige militaire operatie over de hele wereld verspreid.
De Benin Bronzen hebben de afgelopen jaren veel aandacht gekregen omdat ze centraal kwamen te staan in debatten in Europa over het onder ogen zien van het koloniale verleden en de noodzaak om de vele historische bezittingen terug te geven die destijds, vaak onder gewelddadige omstandigheden, naar Europese musea zijn gebracht. Hoewel het lijkt alsof het debat over restitutie in Westerse contexten vrij recent is, gaat er een decennialang proces aan vooraf, met talloze pogingen van voormalige gekoloniseerde gemeenschappen en landen om hun historische bezittingen en voorouderlijke resten terug te krijgen. Volgens het beknopte overzicht van Eiloghosa Oghogho Obobaifo worden er al sinds de jaren zestig van de vorige eeuw pogingen tot restitutie van de Benin Bronzen gedaan. Bénédicte Savoy beschrijft deze en vele andere pogingen tot restitutie op het Afrikaanse continent in haar recente boek Africa’s Struggle for Its Art.
De situatie lijkt langzaam te veranderen, nu Europese landen steeds meer bereid zijn om een deel van de tijdens de koloniale tijd geroofde bezittingen terug te geven. Zo heeft Nederland, in navolging van andere landen, 119 Benin-bronzen teruggegeven aan de Nigeriaanse regering in de zomer van 2025.

Breder onderzoek naar herkomst
De reliëfplaat (of Ama in het Edo) met de afbeelding van een moddervis maakte tot voor kort deel uit van de collectie van Museum de Fundatie in Zwolle. De collectie van dit museum bestaat uit meer dan 11.000 objecten en is samengesteld uit verschillende, voornamelijk particuliere, collecties. De basis werd gelegd door Dirk Hannema (1895-1984), een kunstkenner en initiatiefnemer van de Stichting Hannema-de Stuers, de voorloper van Museum de Fundatie. Voordat de reliëfplaat met geweld werd weggehaald, maakte deze waarschijnlijk deel uit van de versiering van het Koninklijk Paleis van de Oba in het huidige Benin City.
Aanvankelijk richtte herkomstonderzoek in Nederland (net als in andere contexten) zich vooral op objecten die in de periode 1933-1945 onder dwang waren ontnomen. Tussen 2009 en 2013 nam Museum de Fundatie deel aan een nationaal project van de Nederlandse Museumvereniging om vast te stellen of objecten in collecties verband hielden met deze geschiedenis. In dit kader werd de herkomst van het Benin Brons van Museum de Fundatie alleen onderzocht in relatie tot de periode 1933-1945. Dit gebeurde door de collectiedatabase, het archief van het museum en andere bronnen te onderzoeken.
In 2020 kreeg het debat over de teruggave van koloniale collecties opnieuw aandacht in Europa, wat het museum ertoe aanzette om meer informatie te verzamelen over de oorsprong, authenticiteit en herkomst van het object. Tot dan toe was de geschiedenis van de reliëfplaat slechts tot 1937 terug te voeren. Wat was er al bekend over de geschiedenis van de plaquette? Uit een notitie van Dirk Hannema, de oprichter van Museum de Fundatie, bleek dat hij het reliëf in 1937 had gekocht via kunsthandelaar Carel van Lier in Amsterdam, die het object in bruikleen had gekregen uit een tentoonstelling van de Parijse handelaar Charles Ratton. Uit archiefonderzoek is gebleken dat een bas-reliëf van een vis die sterk lijkt op de plaquette van Museum de Fundatie op 26 juni 1930 door veilinghuis Messrs. Foster aan Pall Mall in Londen is verkocht. Vermoedelijk heeft Ratton het object daar gekocht. In de veilingcatalogus staat dat het afkomstig was uit de collectie van een ‘gentleman’ en eerder was tentoongesteld in het Brighton Museum (nu Brighton & Hove Museums). Dit ondersteunt de hypothese dat het stuk in het Verenigd Koninkrijk terecht is gekomen via een Britse officier die mogelijk betrokken was bij de plundering in 1897.
Een materiële benadering van herkomstonderzoek
Aangezien archiefonderzoek geen verdere informatie opleverde over de herkomst van de reliëfplaat, besloot het museum deze in juli 2025 aan een technische analyse te onderwerpen. Een XRF-scan (röntgenfluorescentiespectometrie), een niet-destructieve analysetechniek die wordt gebruikt om de elementaire samenstelling van materialen zoals metalen, kunststoffen of bodem te bepalen, toonde aan dat de plaat van messing is gemaakt en geen sporen van nikkel bevat. Dit feit versterkte het vermoeden dat dit een historisch stuk is dat in Benin is gemaakt, en geen moderne reproductie. Uit een daaropvolgende chemische analyse van een klein monster bleek dat het metaal bestaat uit messing met kleine hoeveelheden lood en tin, een samenstelling die overeenkomt met het messing dat in Benin en in Europese manilla’s werd gebruikt – hoefijzervormige stukken metaal die voornamelijk als betaalmiddel functioneerden. De loodisotopenverhoudingen vertonen ook een sterke gelijkenis met die van manilla’s uit een achttiende-eeuws scheepswrak dat voor de kust van Cape Cod is gevonden, wat de herkomst van het stuk verder bevestigt. Hoewel nog steeds niet met zekerheid kan worden vastgesteld hoe de reliëfplaat na de plundering in 1897 in Parijs terecht is gekomen, kon aan de hand van materiaalonderzoek de herkomst van deze plaquette in de collectie van Museum de Fundatie bevestigd worden.


Reflectie
In deze blog hebben we gezien hoe verschuivende maatschappelijke discussies over het koloniale verleden van invloed kunnen zijn op de manier waarop musea hun collecties benaderen en onderzoeken. Dit voorbeeld laat verder zien dat in sommige gevallen materiële analyse van historische objecten of collecties vragen kan beantwoorden die met archiefonderzoek niet met zekerheid kunnen worden opgehelderd. In het licht van de conclusies van het herkomstonderzoek heeft Museum de Fundatie de reliëfplaat in november 2025 teruggegeven aan het Koninklijk Huis van Benin. Bovendien werd de plaquette omgedoopt tot Ama O Ghe Ehen (plaquette van een vis) en zo wordt ze nu ook genoemd, dankzij het eerste onderzoek van Osaisonor Godfrey Ekhator-Obogie.
In 2026 opende het museum ter gelegenheid van deze teruggave een tentoonstelling samengesteld door Aude Christel Mgba (conservator hedendaagse kunst). Onder de titel Back To Benin – Nieuwe Kunst, Eeuwenoud Erfgoed brengt de tentoonstelling tien hedendaagse Nigeriaanse kunstenaars van Edo-afkomst samen, die zich voor hun nieuwe werk lieten inspireren door de plaquette en zo een dialoog aangaan met geschiedenis, symboliek en culturele herinnering. De kunstenaars in deze tentoonstelling zijn Osaze Amadasun, Minne Atairu, Leo Asemota, Victor Ehikhamenor, Taiye Idahor, Favour Jonathan, Osaru Obaseki, Enotie Ogbebor, Abraham Onoriode Oghobase en Phil Omodamwen. Na afloop van de tentoonstelling, zal de Ama O Ghe Ehen ook fysiek terugkeren naar Benin City.
Het herkomstonderzoek naar de reliëfplaat is uitgevoerd met financiële ondersteuning van het Consortium Koloniale Collecties.
Tot slot
Om de historische en huidige betekenis van objecten beter te begrijpen en om er ethisch verantwoord mee om te gaan, is informatie over hun herkomst en verwervingsgeschiedenis van essentieel belang. Herkomstonderzoek is een doorlopend proces voor musea. Het Consortium Koloniale Collecties ondersteunt instellingen die collecties beheren bij dit werk door kennis en informatie te delen en belanghebbenden een netwerk te bieden. Wilt u meer weten of informatie met ons delen? Neem alstublieft contact met ons op!
Referenties en verdere informatie
Het herkomstonderzoek dat in deze blog wordt besproken is uitgevoerd door Kristian Garssen, Johan Koers en Aude Christel Mgba. Het rapport is gepubliceerd in de catalogus van de tentoonstelling Back To Benin – Nieuwe Kunst, Eeuwenoud Erfgoed in Museum de Fundatie. De informatie in deze blog is afkomstig uit dit onderzoek en uit e-mailcorrespondentie met Aude Christel Mgba.